Ga naar inhoud

Keizerskroon soorten en cultivars

De keizerskroon bloeit oranje, rood of geel, van de klassiekers uit 1665 tot compacte moderne series. Ontdek welke cultivar bij jouw hoogte en kleur past.

Door 5 min.
Keizerskronen in oranje rood en geel bloeien naast elkaar in een lentetuin met kenmerkende bloemenkroon op de stengel

Kernpunten

  • De keizerskroon bloeit in drie kleuren: oranje met 'Aurora', rood met 'Rubra' en geel met 'Lutea'.
  • Die drie klassiekers staan alle drie sinds 1665 in cultuur en zijn nog altijd de meest verkochte.
  • Kleur en hoogte lopen samen op: 'Lutea' wordt 80 tot 120 cm en is daarmee de langste van de drie.
  • 'Lutea' is de enige Fritillaria imperialis met de RHS Award of Garden Merit.
  • De Componistenserie blijft compact genoeg voor een pot en de Early-serie bloeit al in maart.
Deel dit

De keuze begint bij de kleur, want de keizerskroon bloeit oranje, rood of geel, en de drie cultivars die die kleuren dragen staan alle drie sinds 1665 in cultuur. Kleur en hoogte lopen daarbij samen op: de gele wordt de langste van de drie. Naast die klassiekers is er een historische hoek voor verzamelaars en zijn er twee moderne reeksen, waaronder compacte cultivars die wel in een pot passen. Hierna weet je welke cultivar bij jouw hoogte, kleur en plek hoort.

De drie kleuren van de keizerskroon

De keizerskroon is vrijwel altijd verkrijgbaar in drie kleuren, en elke kleur heeft zijn eigen klassieke cultivar. De onderstaande lijst zet ze naast elkaar.

  • Oranje: het vurige oranje van ‘Aurora’, de oudste en bekendste cultivar.
  • Rood: van oranjerood tot dieprood, met ‘Rubra’ als drager.
  • Geel: het heldere goudgeel van ‘Lutea’, de enige met een tuinprijs van de RHS.

Alles binnen dit assortiment is één soort, Fritillaria imperialis, met cultivars eronder. Dat is iets anders dan het geslacht Fritillaria, waarin naast de keizerskroon nog tientallen soorten staan; het verschil tussen soort en cultivar is precies de reden dat deze pagina cultivars vergelijkt en niet soorten. Zoek je die andere soorten, dan staan ze bij de fritillariasoorten.

De drie klassiekers uit 1665

Drie cultivars vullen samen het overgrote deel van de handel, en ze zijn alle drie ouder dan de meeste tuinen waarin ze staan. Ze verschillen in kleur en, minstens zo belangrijk, in hoogte.

‘Aurora’, het vurige oranje

‘Aurora’ gaat terug tot 1665 en is de bekendste van de drie. De bloemen zijn vurig oranje met een fijne rode adering, en de plant wordt 60 tot 90 cm hoog.

Daarmee is dit de kortste van de klassiekers, wat hem bruikbaar maakt in een border waar 120 cm te veel zou zijn. De kleur is de meest klassieke keizerskroonkleur en het beeld dat de meeste mensen voor ogen hebben.

‘Rubra’, dieprood met donkere stengels

‘Rubra’ stamt uit hetzelfde jaar en wordt ook verkocht als ‘Rubra Maxima’. De bloemkleur loopt van oranjerood tot dieprood, en de stengels zijn opvallend donker, wat het geheel zwaarder en dramatischer maakt dan ‘Aurora’.

Die donkere stengel is een detail dat pas telt zodra de plant volgroeid is, en hij werkt het best tegen een lichte achtergrond waar de lijn zichtbaar blijft.

‘Lutea’, goudgeel en het langst

‘Lutea’ is de gele, soms verkocht als ‘Maxima Lutea’, en met 80 tot 120 cm de langste van de drie. Het goudgeel is helder en houdt zijn kleur goed in de volle zon.

Deze cultivar is bovendien de enige Fritillaria imperialis die de Award of Garden Merit draagt. Wat zo’n RHS-keurmerk wel en niet beoordeelt is het nakijken waard, maar bij een bol die je jaren laat staan zegt het iets over betrouwbaarheid.

Historische en bijzondere cultivars

Naast de drie klassiekers bestaat er een reeks oudere en zeldzamere variëteiten, vooral interessant voor wie het assortiment wil overzien of iets wil dat de buren niet hebben. De onderstaande lijst bevat de 4 bekendste.

  • ‘William Rex’: uit 1746, donker baksteenrood tot brons, met donkere stengels.
  • ‘Garland Star’: modern, oranjerood, met stevige dikke stengels tot 120 cm.
  • ‘Prolifera’: ook ‘Crown on Crown’, een zestiende-eeuwse variëteit met een dubbele krans bloemen boven elkaar.
  • ‘Argenteovariegata’: uit 1665, dieporanje-rode bloemen boven witgerande bladeren.

‘Prolifera’ is de opvallendste van de vier, met twee kransen bloemen in plaats van één. ‘Argenteovariegata’ onderscheidt zich juist niet door de bloem maar door het bonte blad, dat ook voor en na de bloei sierwaarde geeft.

Deze cultivars zijn beperkt verkrijgbaar en vragen doorgaans een gespecialiseerde kweker. Ze zijn niet moeilijker in de teelt dan de klassiekers, alleen zeldzamer.

Moderne reeksen voor pot en vroege bloei

Naast losse cultivars zijn er twee reeksen die het assortiment op een andere manier uitbreiden: niet met een nieuwe kleur, maar met een ander formaat en een andere bloeitijd.

De Componistenserie voor de pot

De Componistenserie draagt namen als Bach, Beethoven, Brahms in zalmroze, Chopin en Vivaldi. De planten blijven compacter dan de klassiekers, met Chopin rond de 60 cm, en zijn daarmee de enige keizerskronen die serieus in een pot passen.

Een pot vraagt wel om aandacht voor de bol zelf, want die is hol en rot bij stilstaand water. Het planten van een keizerskroon, inclusief de schuine stand die daarvoor de oplossing is, geldt in een pot net zo goed als in de volle grond.

De Early-serie voor bloei in maart

De Early-serie bloeit eerder dan de rest. ‘Early Dream’ is de bekendste en kan op een beschutte plek al in maart open gaan, weken voor de klassiekers. Dat verlengt het seizoen aan de voorkant en zet de keizerskroon naast de late narcissen in plaats van erna.

‘Early Dream’ is bovendien een van de cultivars die ook biologisch geteeld verkrijgbaar zijn. Wat biologisch geteelde bollen onderscheidt van gangbare, en waar je ze vindt, staat apart beschreven.

‘Orange Sweet’ voor wie de geur een bezwaar vindt

De keizerskroon ruikt, en niet iedereen vindt dat prettig: de vossengeur zit in bol, stengel en blad en is het sterkst vlak bij de plant. Voor wie daarop afknapt bestaat ‘Orange Sweet’, een cultivar die duidelijk minder ruikt en verder gewoon dieporanje bloeit.

Die geur is overigens niet alleen een bezwaar. Het is de eigenschap waaraan het hardnekkige verhaal hangt dat de plant mollen zou verjagen, en of daar iets van klopt staat bij de veelgestelde vragen en problemen rond de keizerskroon.

Zet je ‘Orange Sweet’ vooral in als de plant dicht bij een zitplek of een pad komt. Verder in de border speelt de geur nauwelijks en houd je de vrije keuze uit het hele assortiment.

Welke cultivar past bij jouw tuin?

De keuze valt in de praktijk uiteen langs drie lijnen: hoogte, kleur en bijzonderheid. Voor een border achteraan werkt ‘Lutea’ of ‘Garland Star’ met hun 120 cm; voor een plek waar dat te fors is, is ‘Aurora’ met 60 tot 90 cm de betere maat. Voor een pot kom je bij de Componistenserie uit, en voor vroege bloei bij de Early-serie.

De kleur bepaalt vervolgens waarmee de plant samengaat, en dat luistert bij zulke felle tinten nauwer dan bij een zachte voorjaarsbloeier. Welke partners bij oranje, rood en geel werken, werkt het combineren van de keizerskroon per kleur uit.

Wat een cultivar kost en wanneer je hem het best bestelt, verschilt sterk tussen de klassiekers en de zeldzame historische vormen. De prijsklassen en het koopmoment per keizerskroon staan per cultivar op een rij.